Dit artikel komt uit: “De gezonde Moestuin van Meta Stranberg

Ken uw vrienden ...

Wij moeten ons met de dieren bezighouden, die ons kunnen helpen bij de bescherming van onze gekweekte planten tegen allerlei aantastingen. Het is daarom van groot belang dat u deze vrienden goed leert kennen, zodat ze niet tegelijk met onze vijanden vernietigd worden.

Regenworm, aardworm of pier

Van dit dier hebben we de lof reeds verkondigd.

Lieveheersbeestje

Eén enkel lieveheersbeestje kan per dag 70-100 bladluizen verslinden en de larve heeft nauwelijks minder eetlust. Bovendien voeden ze zich ook met mijten en bladvlooien.

Gaasvlieg

De volkomen gaasvlieg bekommert zich niet om bladluizen. Dit tere lichtgroene insect met goudkleurige ogen leeft voornamelijk van plantensappen en nectar en overwintert vaak binnenshuis, bijv. voor het raam tussen de bloempotten. Maar de larve doet zijn naam, bladluizen/eeuw, eer aan. Elke larve verslindt tot aan zijn verpopping wel 200-400 bladluizen.

Zweefvlieg

Enige algemeen voorkomende soorten, meestal zwart met gele maanvlekken, voeden zich met nectar en stuifmeel. Daarentegen zijn hun larven, die veel op bloedzuigers lijken wat uiterlijk en bewegingen betreft, vijanden van bladluizen. In één minuut kan een larve een bladluis leegzuigen.

Sabelsprinkhaan

De grote sabelsprinkhaan treft men meestal aan op plaatsen met een lage plantengroei, overal in Nederland. Hij is 24-44 mm lang, groen en heeft lange vleugels. Hij eet allerlei insecten en hun larven. De eitjes worden in de grond gelegd, waar ze overwinteren.

Sluipwesp

Deze insekten zijn in Nederland met een zeer groot aantal soorten vertegenwoordigd; ze zijn belangrijk voor de biologische bestrijding van schadelijke insecten en worden tegenwoordig op grote schaal gekweekt. De wijfjes hebben een soms zeer lange legboor, die ze in een bladluis of larve steken. De sluipwesplarve ontwikkelt zich ten koste van zijn gastheer  (rups), verpopt zich na de dood van het leeggegeten slachtoffer en kruipt ten slotte als een slanke wesp uit de pophuid. De belangrijkste parasieten van kool rupsen zijn kleine zwarte sluipwespen.

Roofvlieg

Roofvliegen komen weliswaar niet in elke tuin voor, maar zijn toch belangrijk. Ze vangen tijdens de vlucht andere insecten, die uitgezogen worden. De larven leven van andere insectenlarven in de grond.

Loopkever

Van de vele Soorten loopkevers die in Nederland aanwezig zijn, kunnen we enige van de algemeen voorkomende in onze moestuin aantreffen. Overdag verbergen ze zich in de grond, ven, poppen en slakken. Hun roofzuchtige larven graven een gang in de grond en wachten bij de opening op buit. De grote Soorten loopkevers vergrijpen zich echter ook vaak aan aardwormen.

Hommel en bij

De betekenis van deze nooit genoeg te waarderen insecten ligt Vooral op het terrein van bloem bestuiving en bevruchting.

Weekschildkever (St. Janskever)

Het halsschild is gewoonlijk rood met een zwarte vlek, de poten zijn Zwart. Evenals hun larven zijn het vraatzuchtige rovers, die vaak waargenomen kunnen worden op de bloemschermen van schermbloemige (bijv. berenklauw). Hun dekschilden zijn week.

Schildwants

Een aantal Soorten schildwantsen is roofzuchtig en zuigt met een gelede zuiger andere insecten uit, vooral rupsen, bladluizen en bladvlooien. De frambozenwants is lichtbruin en 7-8 mm lang.

Spin

Alle spinnen (600 soorten in Nederland) zijn rovers. Het is echter niet te voorkomen dat vriend en vijand in een web gevangen worden en uitgezogen.

Mierenleeuw

De mierenleeuw graaft een kegelvormige kuil, waarin hij zich verbergt en op buit wacht, meestal een mier.

Hazelworm was vroeger in Nederland soms bij mesthopen te vinden tegenwoordig zeldzaam.


Kikker

Alle kikkersoorten zijn vaar ons nuttig omdat ze muggen, vliegen en slakker eten.

Pad

Wanneer u het geluk heeft dat er een pad in de moestuin zit, moet u al het mogelijke doen om hem daar te laten blijven.
Hij verslindt een geweldige hoeveelheid klein gedierte en slakken. Jammer genoeg worden ze steeds zeldzamer. Ze blijven wel trouw aan hun territorium en zijn echte gewoontedieren
.

Vleermuis

In de schemering begint een vleermuis te jagen op allerlei insecten, vooral nachtvlinders. Ze worden zeldzaam.

Mol

Een mol eet per dag meer dan zijn eigen gewicht. Hij roeit echter, behalve keverlarven, ook aardwormen uit. Soms verslindt hij zelfs een kleine muis.

Spitsmuis

Spitsmuizen zijn vraatzuchtige insecteneters.

Egel

De zeldzamer wordende egel (veel overreden door snelverkeer) voedt zich met muizen, larven, slakken en insecten.

Lijster, vink, spreeuw, kwikstaart, zwaluw, mees.

Zorg dat u vogels in uw tuin krijgt! Het is de moeite waard .

. . . en vijanden

                      Bladluis

Created by DPE, Copyright IRIS 2009
Created by DPE, Copyright IRIS 2009Bladluizen zitten in grote aantallen op de onderkant van een blad of op jonge scheuten en zuigen sappen uit de plant. Behalve de biologische bestrijding door lieveheersbeestjes en gaasvlieglarven e.d., kunt u ze vernietigen met een waterspuit. Door een harde straal worden ze van de planten afgespoten. Bladluizen komen op planten voor waarvan de stofwisseling verstoord is, zodat ze te veel suiker bevatten.

Brandnetelwater herstelt het evenwicht.

Zwarte bonenluis

Created by DPE, Copyright IRIS 2009
Created by DPE, Copyright IRIS 2009Deze komt gewoonlijk voor op tuinbonen. Als de aantasting groot is, kunt u gieten met warm water, brandnetelwater of varenextract.

Kweek tuinbonen samen met aardappelen. Probeer ze vroeg te laten bloeien. Haal de toppen eruit.

 

Aardvlo

Created by DPE, Copyright IRIS 2009
Created by DPE, Copyright IRIS 2009De koolaardvlo is 2-3 mm lang en tast bij voorkeur kool- en radijsplanten aan. Wanneer u de planten aanraakt, ziet u ze wegspringen. Door mooi en droog weer wordt hun ontwikkeling begunstigd.

Strooi Algomin of as over de rijen en planten. Ook meel of een beetje aarde over de natte planten uitgestrooid, verdrijft
deze schadelijke kevertjes
.

Bladvlo op wortelen

Created by DPE, Copyright IRIS 2009
Created by DPE, Copyright IRIS 2009Bladvlooien zuigen zeer jonge planten en hun bladen uit en maken dat de bladen gekroesd worden. De bladen verwelken en gaan dood, de groei is uit de plant.


 

Luzernespringstaart

Dit insect wordt vaak verward met de aardvlo. Ze tasten liefst bonen en erwten aan, waarvan ze de knoppen vernietigen en gaten in de bladen maken.

Wortel- en uienvlieg

De wortelvlieg legt eitjes op dunne wortels van peen. De 5 mm lange, witachtig-gele larven vreten gangen in de wortels,
die oneetbaar worden. De kleine plantjes gaan dood. De larven van de uienvlieg veroorzaken schade aan uien, waarvan de bladen geel worden en de bollen rotten. Niet zaaien op grond die met verse koemest bemest is. Op met compost bemeste grond komen deze vliegen niet voor, zaai uien en wortelen door elkaar.

Als er vraatschade is, kunt u de planten begieten met een aftreksel van sterk geurende kruiden, zoals munt, kamille, alsem e.d. De wortelvlieg larven tasten soms ook knolselderie aan, en veroorzaken, net als bij peen, wormstekigheid in de knollen. Ook peterselie kan door de wortelvlieg aangetast worden.

Koolwitje

Created by DPE, Copyright IRIS 2009
Created by DPE, Copyright IRIS 2009De 4-5 cm lange rupsen van twee soorten witjes, koolwitje en knollenwitje, kunnen in korte tijd de bladen van allerlei koolsoorten wegvreten. Er zijn 2-3 generaties per seizoen. Het eenvoudigst is het ze met de hand te verwijderen. Kweek
tomaten of sterk geurende kruiden of lage planten tussen de kool. Laat ook nooit afgevreten of
Created by DPE, Copyright IRIS 2009
Created by DPE, Copyright IRIS 2009afgevallen bladen op het
veld liggen. De sterke koolgeur die deze afgeven als ze verrotten, kan juist de beschadigder op het goede spoor brengen.

Grote en kleine koolvlieg

Deze vliegen leggen hun eitjes dicht bij jonge koolplantjes; de larven vreten zich in de wortels en maken dat de planten
verdorren en doodgaan. Een week na het uitplanten van de koolplantjes kan hout-as gestrooid worden op en om elke plant. De koolvliegen leggen geen eitjes in de losse as.

Koolmot

Created by DPE, Copyright IRIS 2009
Created by DPE, Copyright IRIS 2009Created by DPE, Copyright IRIS 2009
Created by DPE, Copyright IRIS 2009Het koolmotrupsje dat ongeveer 1 cm is, geelgroen en moeilijk te ontdekken, vreet zich in de koolbladen naar binnen. Komt ook voor 'op koolraap en knolrapen.

U moet de koolplanten, vooral de onderkant van de bladen, geregeld nakijken om de eitjes te ontdekken.


Koolbladluis

Leeft vooral op kruisbloemige planten als kool, radijs, mosterd enz. Evenals andere bladluizen heeft dit dier vele natuurlijke vijanden.

Kool snuit tor

Created by DPE, Copyright IRIS 2009
Created by DPE, Copyright IRIS 2009Veroorzaakt opgezwollen wortels, die men veelal voor een aantasting van knolvoet houdt. Als er echter sprake is van snuittorgallen, zitten er in de opzwellingen kleine, witte larfjes.

U moet de wortels verbranden.


 

Erwtenmotje

Created by DPE, Copyright IRIS 2009
Created by DPE, Copyright IRIS 2009Dit is een kleine vlinder met brede vleugels. Als de erwtenplanten bloeien, legt dit motje eitjes op de bladen. De witachtig-gele rupsen spinnen met spinsel enige bladen aan elkaar en verbergen zich daarin. Ze eten de erwten in de peulen. Aangetaste planten kunt u beter verbranden.


Erwten thrips (blaas) poot

Created by DPE, Copyright IRIS 2009
Created by DPE, Copyright IRIS 2009Een diertje van 1 mm lengte, dat zuigt aan peulen en bladen, zodat ze misvormd en grijsachtig worden.

Ook in dit geval wegplukken en verbranden.

 

Bladrandkever

Vooral bij droog en warm weer kan deze kever grote schade toebrengen aan gekweekte en wilde peulvruchtgewassen (vlinderbloemigen). De typisch halvemaanvormig afgevreten bladen tonen dat de bladrandkever aan het werk was. De larven leven ook van de bacterieknolletjes die aan de wortels zitten. Aangetaste planten kunt u het best verbranden.

 

Frambozen snuit tor

De larven leven op de wortels van allerlei planten en kunnen soms schade veroorzaken aan aardbeien, frambozen en sierplanten.

 

Bonenkever

Er zijn wel tien verschillende soorten. De larven ontwikkelen zich in peulvruchtgewassen.

 

 

Uiltjes (nachtvlinders)

Created by DPE, Copyright IRIS 2009
Created by DPE, Copyright IRIS 2009Een groot aantal soorten, zoals de kooluil (kool), erwtenuil (erwt), aardappeluiltje (aardappel, rabarber, hop), kan flinke schade toebrengen aan onze gekweekte gewassen door hun rupsen. Deze vreten in de tengels van jonge plantjes op grondniveau en tasten ook de wortels aan. Ze in de bovenste grondlaag opzoeken, vlak bij de aangetaste stengels, is een probate bestrijdingsmethode.

Tuinkevertje

Created by DPE, Copyright IRIS 2009
Created by DPE, Copyright IRIS 2009Dit metalig glanzende kevertje is groen met roodbruine dekschilden en vreet bladen en bloemen. De larven vreten aan wortels en kunnen grote schade veroorzaken aan aardappelplanten, vruchtbomen, besdragende struiken.

 


Kniptor larven (ritnaalden)

Created by DPE, Copyright IRIS 2009
Created by DPE, Copyright IRIS 2009Bruine, gelede, stevige larven van een kniptor. Dit is een platte, langwerpige, meestal zwarte kever, die met een knippend geluid omhoog spring wanneer hij op zijn rug wordt gelegd.
Kniptorlarven ontwikkelen zich vooral goed in pas omgewerkte grond waarop vroeger gras groeide; ook in droge, verharde grond. Ze vreten aan wortels, vooral van aardappel, sla, peen en kool.

Kweek geen wortelgewassen in grond waarop kort tevoren gras groeide. De aarde moet los en humusrijk gehouden worden. Leg stukgesneden aardappels neer op verschillende plaatsen en kijk ze dagelijks na. Kalkbemesting helpt evenwel niet bij aardappelplanten). Leg uien of aardappels één nacht in water en giet met deze vloeistof.

Mollen, spitsmuizen, kraaien, spreeuwen, padden en loopkevers helpen u door de ritnaalden op te eten.


Pissebedden

Dit zijn grijze of bruinachtige gepantserde dieren, die zich bij voorkeur ophouden op schimmelige en vochtige plaatsen. Ze doen alleen schade, wanneer ze in grote aantallen voorkomen in kweekbakken of kassen. Met de hand opzoeken en hun schuilplaatsen reinigen.

 

Mieren

Deze kunnen kweekbedden en groentetuinen ondermijnen, zodat de planten hun wortelsteun verliezen en verdorren.
Vernietig hun nesten, spit de grond om.

Meikever larven (engerlingen)

Created by DPE, Copyright IRIS 2009
Created by DPE, Copyright IRIS 2009Vette, gekromde, geelwitte larven die vreten in aardappelwortels en andere knolgewassen. Met de hand opzoeken.

 

 

Emelten

Deze larven van langpootmuggen kunnen soms behoorlijke schade toebrengen aan de wortels van de planten in de moestuin.


Duizendpoot

Created by DPE, Copyright IRIS 2009
Created by DPE, Copyright IRIS 2009Deze 2-3 cm lange bruine dieren rollen zich snel op als ze gestoord worden. Er is ook een witachtige soort, die meer op een dunne worm lijkt en zich niet oprolt. Ze kunnen gaten vreten in pas geplante bonen en erwten en soms in aardappels.
Voorkom dit door erwten en bonen vooraf te laten
kiemen.

Coloradokever

Created by DPE, Copyright IRIS 2009
Created by DPE, Copyright IRIS 2009Deze uit Amerika afkomstige kever kreeg vaste voet in Europa na de tweede wereldoorlog. In Nederland werd de bestrijding door de Plantenziektekundige Dienst met goede resultaten verricht. Er bestaat trouwens bij ons een meldingsplicht voor aardappeltelers. Zowel de gele, zwartgestreepte kevers als de larven zijn gulzige vreters van aardappelloof en bij grote aantastingen worden de akkers letterlijk kaalgevreten.
Hiertegen wordt bij wijze van uitzondering met gif gespoten door de bevoegde instanties.

Slakken

Vlak bij de grond zittende malse bladen van sla, spinazie, bonen, kool en aardbeien kunnen soms te lijden hebben van een slakkeninvasie, vooral in een natte zomer.

Uitstrooien van hout-as of kalk is afdoende.

 

Bonte bessenvlinder, harlekijn

De rupsen hebben slechts twee paar buikpoten en kruipen door zich steeds te krommen, net alsof ze de afgelegde weg 'meten', vandaar dat ze ook landmeters worden genoemd.
Deze rupsen leven op kruisbessenstruiken, die geheel kaalgevreten kunnen worden, ook op meidoorn en sleedoorn.

 

Ongevaarlijke bespuitingsmiddelen

Wij hopen natuurlijk dat onze vrienden erin slagen onze vijanden in de moestuin de baas te blijven. Maar er kan een noodsituatie ontstaan als de 'profylactische geneeskundige dienst', de biologische regulatie of geen der andere methoden, zoals teeltwisseling, hebben geholpen. In dat geval staan er enige ongevaarlijke bespuitingmiddelen tot onze beschikking, die bestaan uit een plantenextract.

 

Pyrethrine

Extract van een Afrikaanse Chrysanthemumsoort, dat reeds lang bekend is als insectendodend.

Derris

De fijngemalen wortel van de Derris-plant bevat rotenon. dat op koudbloedige dieren meestal verlammend en dodelijk in
werkt, vooral insecten maar ook vissen.

Quassia

Dit is hout van een tropische boom. In het afkooksel zit een stof die dodelijk is voor insecten, vooral die met een dunne huid, maar ongevaarlijk voor mens en huisdier.

Een simpel, ongevaarlijk bespuitingmiddel is warm water van 54 gr. Zelfs de gevoeligste planten kunnen deze temperatuur nog verdragen, terwijl bladluizen reeds te gronde gaan bij 45 gr. Kevers verdragen soms 50 gr.